Inspectie en advies bomen - Tomografie van een oude linde
Uitgescheurde gesteltak omwille van tonderzwamaantasting. Dit incident had kunnen vermeden worden door tijdig een boomveiligheidscontrole uit te voeren.
VTA-contorle beuk met topsterfte.
VTA-controle van Amerikaanse eik duidt op harslakzwamaantasting.

Boom­in­spec­tie, VTA-con­tro­le en MTA-controle

 

 

Waar­om een boom­in­spec­tie uitvoeren?

 

De vraag naar de inspec­tie van bomen of VTA-con­tro­le komt vaak boven wan­neer eige­naars of beheer­ders zich zor­gen maken over de vei­lig­heid van hun bomen. En wan­neer er vrucht­li­cha­men van schim­mels aan­we­zig zijn op of in de buurt van een boom is een MTA-con­tro­le erg nut­tig. Omdat deze veel bij­ko­men­de infor­ma­tie ver­schaft, waar­in een VTA-con­tro­le niet altijd voorziet.

En terecht, want wan­neer er een onge­luk zou gebeu­ren, kun­nen zij aan­spra­ke­lij­ke gesteld wor­den voor de scha­de die het onge­val heeft veroorzaakt.

Maar wan­neer de boo­mei­ge­naar over een boom­vei­lig­heids­con­tro­le of boom­in­spec­tie beschikt, heeft hij gehan­deld als goe­de huis­va­der. En wordt de kans al veel klei­ner dat er onver­wach­te din­gen gebeu­ren met de eerst­ko­men­de storm.

Daar­naast zijn er nog ande­re belang­rij­ke rede­nen waar­om je een boom­in­spec­tie uit­voert. Zo doe je bij boom­be­heer op gro­te schaal, zoals bij het opstel­len van een bomen­plan, van iede­re boom een VTA-con­tro­le. Hier­door krijg je het juis­te over­zicht van wel­ke bomen om de hoog­ste pri­o­ri­teit vra­gen in ver­band met boomveiligheid.

Ook als boom tech­nisch raad­ge­ver voe­ren we boom­in­spec­ties uit, om in juri­di­sche geschil­len de juis­te toe­dracht van de con­di­tie en vita­li­teit van een boom te kun­nen aantonen.

 

Als boom­ver­zor­ger inspec­teer je de boom voor­al­eer eraan te werken

 

Voor­al­eer je als boom­ver­zor­ger begint met wer­ken aan of rond bomen, wens je te weten of je de juis­te pri­o­ri­tei­ten stelt. Zowel met de keu­ze aan wel­ke bomen je eerst je aan­dacht geeft, als wat je juist gaat doen bij een indi­vi­du­eel exem­plaar. Ga je een boom snoei­en, dan voer je ook steeds een VTA-con­tro­le of boom­in­spec­tie uit. Zodat je weet dat de boom dan wel mag gesnoeid wor­den of niet. En dat deze vei­lig is om in te klimmen.

Met het inspec­te­ren van de bomen door mid­del van een VTA-con­tro­le of boom­vei­lig­heids­con­tro­le, kan je deze twee ver­schil­len­de pri­o­ri­tei­ten goed in kaart bren­gen. Je inves­teert je geld dan ook met de maxi­ma­le opbrengst. Maxi­ma­le boom­vei­lig­heid tegen de laag­ste kost. Omdat je de juis­te pri­o­ri­tei­ten dui­de­lijk kan stel­len en afwe­gen tegen­over elkaar. De boom­in­spec­ties en het stel­len van de pri­o­ri­tei­ten gebeurt door onze Cer­ti­fied Tree Mana­ger.

 

 

Bij­ko­men­de rede­nen voor het inspec­te­ren van bomen

 

Ook wens je de con­di­tie en de vita­li­teit van een boom te ken­nen voor­al­eer je deze gaat snoei­en of er gaat in klim­men. Je wenst te weten dat de boom de snoei­won­den nadien gaat kun­nen over­groei­en (call­us­vor­ming) of niet gaat bre­ken als je al klim­mend werkt in de kruin als boom­ver­zor­ger. Een boom met een slech­te con­di­tie of een slech­te vita­li­teit heeft name­lijk ande­re noden dan een zeer vita­le boom. Een boom met een slech­te con­di­tie ga je niet snoei­en, maar geef je een groei­plaats­ver­be­te­ring.

En bij­ko­men­de reden voor het uit­voe­ren van een VTA-con­tro­le en het maken van een inspec­tie­rap­port is, dat je tij­dig merkt dat bomen in hun eind­fa­se zijn. En dan kan je al tij­dig inplan­nen om jon­ge bomen, als opvol­gers, aan te plan­ten. Die dus met de tijd, als toe­komst­boom, de plaats inne­men van de afster­ven­de boom.

Samen­ge­vat, voor­al­eer er wer­ken wor­den uit­ge­voerd aan of rond bomen, wens je hun con­di­tie en vita­li­teit te ken­nen. Dit om de juis­te pri­o­ri­tei­ten te kun­nen stel­len. Van snoei­en, tot kap­pen of ver­wij­de­ren of nieu­we bomen aan­plan­ten. Dit doe je door eerst een VTA-con­tro­le of boom­vei­lig­heids­con­tro­le uit te voe­ren. VTA-con­tro­les wor­den uit­ge­voerd door onze Cer­ti­fied Tree Mana­ger en onze vak­be­kwa­me boomverzorgers.

 

 

Een voor­beeld van een boominspectie

 

Wan­neer een boom een afta­ke­len­de kroon heeft, is de con­di­tie van de boom slecht. De boom heeft in zijn kruin tak­ken met dode uit­ein­den; geen bla­de­ren en rot hout. Dit heeft een oor­zaak. Vaak is dit te wij­ten aan een slech­te stand­plaats of bodem­ver­dich­ting.

Stel dat men de boom nu nog eens dras­tisch zou gaan snoei­en, om lou­ter tij­de­lij­ke esthe­ti­sche rede­nen, en de afster­ven­de uit­ein­den ver­wij­dert. Dan wordt de boom fysi­o­lo­gisch alleen maar extre­mer belast door de bij­ko­men­de snoei­won­den. Naast de slech­te stand­plaats die de boom al aan het onder­mij­nen is en al wor­tel­scha­de veroorzaakt.

Het gron­dig inspec­te­ren van de boom en zijn omge­ving, legt dan de ech­te de basisoor­zaak van de slech­te con­di­tie bloot. Hier­door zal snel gewe­ten zijn dat er bij­voor­beeld een stand­plaats­ver­be­te­ring nodig is in plaats van een snoei­beurt.

Dit voor­beeld is heel dui­de­lijk. Maar vaak zijn er ande­re gebre­ken of fac­to­ren die moei­lij­ker te vin­den zijn bij de inspec­tie van bomen.

Het mee­ne­men van de kwa­li­ta­tie­ve eigen­schap­pen van de omge­ving van de boom, infor­ma­tie over zijn stand­plaats en groei­plaats en de his­to­riek ervan, tot tien­tal­len jaren terug van wat er gebeurd is in de wor­tel­zo­ne, is dan ook nood­za­ke­lijk bij een boominspectie.

Meer en cor­rec­te gege­vens lei­den tot een bete­re ana­ly­se en meer gepas­te aan­pak van de bomen.

Stel een boom­in­spec­tie dus niet uit, maar neem tij­dig con­tact met ons op.

 

 

Ken­nis, het ver­schil tus­sen de cor­rec­te of fou­tie­ve beoor­de­ling over de boom

 

Er zijn schim­mels die in sym­bi­o­se leven met bomen. Laat ons die even de “goe­de schim­mels noe­men”, maar de ande­re zijn dat even­goed. Zo dade­lijk meer daar­over. De sym­bi­on­ten onder­steu­nen de bomen en voor­zien ze van meer water, nutri­ën­ten, natuur­lij­ke fun­gi­ci­den en ande­re stof­fen die ze bescher­men tegen insec­ten en plagen.

En er zijn schim­mels die leven van het leven­de hout van bomen, de para­sie­ten of “oprui­mers”. Zij zijn pro­ces­ver­snel­lers in het boom­soort­ei­gen eco­sys­teem en hel­pen ver­zwak­te bomen snel­ler aan hun eind. Zodat het hout te eten wordt gege­ven aan de nog leven­de bomen, via de sym­bi­on­ten, in gan­se het recy­cling­pro­ces van voe­dings­stof­fen in het bodem­voed­sel­web. Dus even goed goe­de schimmels.

Bei­den soor­ten schim­mels heb­ben hun func­tie en bei­den zijn ze even belang­rijk. Want zon­der de sym­bi­on­ten geen bomen, en zon­der de oprui­mers geen nutri­ën­ten voor de leven­de bomen. Dus ook geen bomen.

Bij een boom­in­spec­tie is het dan ook belang­rijk om de para­si­tai­re schim­mels, die levend hout kun­nen aan­tas­ten, en dit mecha­nisch ver­zwak­ken, cor­rect te her­ken­nen. Zodat tij­dig kan gean­ti­ci­peerd wor­den op een mecha­nisch insta­bie­le boom. Door de boom te snoei­en bij­voor­beeld of door de boom te vel­len.

 

 

Het effect van iede­re schim­mel op de boom ver­schilt, ook van de boomsoort

 

De schim­mels die aan­we­zig zijn, moe­ten dus cor­rect her­kend en geca­ta­lo­geerd wor­den bij een VTA-con­tro­le en MTA-controle.

Dit is nodig om een juist beeld te krij­gen over de con­di­tie waar­in de boom zich bevindt.

En een cor­rec­te beoor­de­ling te maken van het al dan niet moge­lij­ke lan­ge­ter­mijn­be­houd van een indi­vi­du­e­le boom.

Onze tree mana­ger is goed op de hoog­te over het myco­lo­gisch gebeu­ren tus­sen bomen en zwam­men en kan u cor­rect boom­ad­vies verlenen.

Want iede­re schim­mel heeft een ande­re inwer­king op een spe­ci­fie­ke hout­soort. Som­mi­ge schim­mels ver­oor­za­ken wit­rot, bruin­rot, simul­taan­rot of wit­rot met selec­tie­ve delig­ni­fi­ca­tie. Al deze soor­ten hout­rot heb­ben een ande­re invloed op de mecha­ni­sche sta­bi­li­teit, een ande­re aan­tas­tings­snel­heid en ver­ei­sen dus ook ande­re veiligheidsmaatregelen.

Iede­re aan­we­zi­ge schim­mel ver­teld dus iets over de con­di­tie van de boom. Op die manier wor­den ook de noden voor de boom ken­baar. En kan door de juis­te dia­gno­se, de meest geschik­te behan­de­ling of maat­re­ge­len gesteld wor­den. Zeker als men de boom zolang moge­lijk op een vei­li­ge manier wenst te behouden.

Bij de inspec­tie van bomen is ken­nis over schim­mels, de vele ande­re fysi­o­lo­gi­sche en mecha­ni­sche fac­to­ren, en het samen­spel ervan dus onont­beer­lijk. Het is één van de hoofd­ta­ken van een tree mana­ger, om een boom cor­rect te kun­nen beoordelen.

 

 

Wat is een VTA-con­tro­le (Visu­al Tree Assessment)?

 

Een VTA-con­tro­le (Visu­al Tree Assess­ment) is het non-destruc­tief inspec­te­ren van een boom.

Even­tu­eel aan­ge­vuld met een MTA-con­tro­le.

Bij de VTA-con­tro­le wordt de boom op vele para­me­ters gecon­tro­leerd en beoor­deeld. Dit alle­maal door een bekwa­me boom­tech­nisch advi­seur die zich op de bega­ne grond bevindt.

Er wordt op niet met hoog­te­wer­ker of klim­mend geïn­spec­teerd bij een VTA-con­tro­le. Mis­schien later wel bij een nader onderzoek.

Bij het visu­e­le boom­on­der­zoek of de VTA-con­tro­le wor­den onder ande­re vol­gen­de para­me­ters van de boom beoordeelt:

  • blad­zet­ting
  • blad­kleur
  • scheut­leng­te
  • gro­te van de vruchten
  • kroon­struc­tuur
  • kroon­kwa­li­teit
  • is er taksterfte
  • hol­ten
  • inrot­tin­gen
  • mecha­ni­sche schade
  • zwa­re elleboogtakken
  • zwa­re zuigers
  • scheu­ren
  • tor­sies
  • wor­tel­ge­stel
  • wurg­wor­tels
  • stand­plaats
  • wond­over­groei­ing
  • reac­tie­hout

 

 

Welk gereed­schap gebruik je bij een VTA-con­tro­le of de inspec­tie van bomen?

 

Bij een VTA-con­tro­le wens je zoveel moge­lijk en toch op een een­vou­di­ge manier te weten te komen van de toe­stand waar­in de boom zich bevindt.

Klei­ne een­vou­di­ge hulp­mid­de­len zoals een prik­stok, een ver­re­kij­ker, meet­lint, hou­ten hamer een ste­vig mes en hand­snoei­schaar kun­nen je erg veel infor­ma­tie verschaffen.

De hou­ten hamer is erg nut­tig tij­dens het detec­te­ren van hol­ten in de stam, stam­voet, wor­tel­aan­zet­ten en zelfs de wor­tels als ze groot genoeg zijn en zich deels boven­gronds bevinden.

De prik­stok gebrui­ken we om de diep­te van een inrot­ting te meten. Of om te bepa­len of een stuk bloot­lig­gend kern­hout niet rot gewor­den is door aan­tas­ting van een schimmel.

Met de prik­stok meten we ook de indrin­gings­weer­stand van de bodem in de kroon­pro­jec­tie van de boom.

Dit is dan geen exac­te meting, maar geeft een eer­ste indi­ca­tie van de bodem­ge­steld­heid tij­dens de boominspectie.

Is er twij­fel en ver­moe­den we een gecom­pac­teer­de bodem, dan nemen we onze pene­tro­me­ter erbij, die exac­te waar­den weergeeft.

Door een twijg af te snij­den met mes of snoei­schaar, is de bin­nen­kant van de twijg zichtbaar.

De toe­stand ervan kan ons bij som­mi­ge aan­tas­tin­gen en/of soor­ten ook meer infor­ma­tie geven over de con­di­tie van de boom.

En om goed te kun­nen waar­ne­men of er aan de bui­ten­zij­de van de kroon geen afster­ving plaats­vindt of er over­al uit­lo­pen­de knop­pen aan­we­zig zijn, komt de ver­re­kij­ker goed van pas.

Het komt er op neer, hoe meer infor­ma­tie je op een een­vou­di­ge manier kan bepa­len, hoe beter je een oor­deel kan vel­len over de boom.

Ook een boek over MTA (Myco­lo­gi­cal Tree Assess­ment) met heel veel infor­ma­tie over wel­ke schim­mel welk effect heeft op wel­ke boom­soort, behoort ook tot de hulp­mid­de­len van onze tree mana­ger.

 

 

Enke­le voor­beeld­si­tu­a­ties van een VTA-con­tro­le of boominspectie

 

Uit deze inspec­tie kan dan blij­ken dat de boom bv. zeer onsta­biel is geworden.

Of gevoe­lig is aan wind­worp, stam­breuk of tak­breuk. Ook ande­re ken­mer­ken van de boom, zoals een zwa­re elle­boog­tak of pla­kok­sel kun­nen op ter­mijn voor pro­ble­men of een onvei­li­ge situ­a­tie zorgen.

Al deze ver­za­mel­de gege­vens bewa­ren we in één ver­slag, samen met de advie­zen en miti­ge­ren­de maat­re­ge­len. Om nadien de juis­te acties te onder­ne­men, ook voor de opvol­ging over de vol­gen­de jaren.

Het kan ook zijn dat de levens­ver­wach­tin­gen van een boom nog maar beperkt zijn. Omwil­le van bij­voor­beeld een schimmelaantasting.

Zoals bij de ver­ge­vor­der­de staat van een ton­der­zwa­m­aan­tas­ting, waar­bij de vrucht­li­cha­men al vol­le­dig zijn ont­wik­keld en meer­de­re jaren oud zijn.

Of zoals bij de aan­tas­ting door een hars­lak­zwam, of vuurzwam.

En als deze vrucht­li­cha­men vol­groeid en tal­rijk aan­we­zig zijn op de boom, is het hout bin­nen­in de boom vol­le­dig geko­lo­ni­seerd door de zwamvlok.

Waar­door er geen gezond hout meer overblijft.

Wat maakt dat er zich ern­sti­ge sta­bi­li­teits­pro­ble­men aan­die­nen. De boom zal je dan drin­gend moe­ten kap­pen om veiligheidsredenen.

 

 

Het resul­taat van de VTA-con­tro­le bepaald of er nader onder­zoek nodig is

 

Aan de hand van de non-destruc­tie­ve en visu­e­le inspec­tie van bomen door onze boom des­kun­di­ge kan beslist wor­den dat er nog bij­ko­men­de onder­zoek al dan niet nodig is. Dit noemt men dan nader onderzoek.

Nader onder­zoek kan bij­voor­beeld een resis­to­gra­fie, trek­proef, blad­ana­ly­se, chlo­ro­fyl flu­o­res­cen­tie ana­ly­se, grond­ana­ly­se, akoes­ti­sche tomo­gra­fie, klim­men­de inspec­tie of ander onder­zoek zijn.

Klimmende inspectie, aanvulling op de VTA-controle, van een veterane boom (linde) als boomveiligheidscontrole

 

Picus geluidstomografie en trekproef van dezelfde veterane boom (linde) als boomveiligheidscontrole, omdat er met de MTA-controle een zadelzwam (Polyporus squamosus) werd aangetroffen in de holte tussen de twee stamdelen.

Picus geluids­to­mo­gra­fie en trek­proef van dezelf­de vete­ra­ne boom (lin­de) als nader onder­zoek, omdat er met de MTA-con­tro­le een zadel­zwam (Poly­po­rus squa­mo­sus), die het hout erg breek­baar maakt, werd aan­ge­trof­fen in de hol­te tus­sen de twee stamdelen.

 

 

Ver­ho­gen van de boom­vei­lig­heid door de inspec­tie van bomen op regel­ma­ti­ge basis

 

Wan­neer een boom niet meer gezond is, en de levens­ver­wach­tin­gen dus eer­der beperkt zijn, maar de eige­naar of beheer­der van de boom deze toch nog zo lang als moge­lijk op een vei­li­ge manier wenst te behou­den, is opvol­ging op regel­ma­ti­ge basis nodig.

Inspec­tie door onze boom­des­kun­di­ge om de 6 maan­den, jaar­lijks of om de 2, 3 of maxi­mum 4 jaar.

Op voor­waar­de dat je bij­ko­men­de maat­re­ge­len, zoals bij­voor­beeld ver­an­ke­ren, onder­steu­nen, vei­lig­heids­snoei of ande­re, neemt.

Dit moet steeds in func­tie van de hui­di­ge toe­stand van de boom beke­ken en beslist worden.

Wan­neer een boom gevoe­lig is aan wind­worp door een zwaar aan­ge­tas­te gestel­wor­tel of een gro­te hol­te in de stam, zal de opvol­ging op zeer regel­ma­ti­ge momen­ten die­nen te gebeuren.

Als de con­di­tie van de boom te slecht is, kan zelfs een nood­kap of nood­vel­ling nodig zijn.

Een visu­e­le boom­in­spec­tie ver­telt al erg veel over zowel de con­di­tie als de vita­li­teit van een boom.

En zal zeker uit­sluit­sel geven of er nog al dan niet nader onder­zoek nodig is.

 

 

Wat is een MTA-con­tro­le of “Myco­lo­gi­cal Tree Assessment”

 

Boominspectie volgens VTA-controle en MTA-controle: zwavelzwam is een bruinrotter en vertelt dat de boom zwaar is aangetast

Bij de inspec­tie van de boom zagen wij het vrucht­li­chaam van een zwa­vel­zwam op een Pru­nus sero­ti­na (vogel­kers). De zwa­vel­zwam is een bruin­rot­ter en ver­telt ons tij­dens de VTA-con­tro­le en MTA-con­tro­le dat de boom zwaar is aan­ge­tast. De aan­tas­ting kan lei­den tot stambreuk.

 

MTA is een onder­zoeks­me­tho­de bij de inspec­tie van een boom waar­bij men aan de hand van de schim­mels die op, rond of in de buurt van de boom voor­ko­men, mede de toe­stand waar­in de boom zich bevindt, gaat aflei­den en bepalen.

Dit alles is zeer uit­ge­breid en gede­tail­leerd beschre­ven in het boek “Myco­lo­gi­cal Tree Assess­ment” van Ger­rit-Jan Kei­zer, die er de grond­leg­ger van is.

Bij dit boom­on­der­zoek of deze boom­in­spec­tie gaat men zich voor­al con­cen­tre­ren op de aan­we­zi­ge schimmels:

  • zowel deze aan­we­zig op de boom
  • in de omge­ving van de boom
  • op afge­stor­ven takken
  • in de wor­tel­zo­ne van de boom
  • en gaat bepaald wor­den in wel­ke levens­fa­se de geïn­spec­teer­de boom zich bevindt. Dit aan de hand van de schim­mels die er op dat moment voor­ko­men omdat deze schim­mels zeer spe­ci­fiek zijn per levensfase.

 

 

MTA-con­tro­le is gesteund op het boom­soort­ei­gen ecosysteem

 

De MTA-metho­do­lo­gie is gesteund op het boom­soort­ei­gen eco­sys­teem van bomen, onder ande­re beschre­ven door Ger­rit-Jan Kei­zer in zijn boek “De Ver­bor­gen Boom”.

De boom­in­spec­tie vol­gens de MTA-con­tro­le gaat veel ver­der dan de gewo­ne visu­e­le boom­in­spec­tie. En houdt veel meer reke­ning met de toe­komst­per­spec­tie­ven van de boom.

Bei­de boe­ken zijn trou­wens aan­ra­ders! U kan het boek over MTA kopen via Inver­de. En u kan het boek “De ver­bor­gen boom” kopen via A3-boe­ken.

 

Wenst u uw boom te laten inspec­te­ren, twij­fel dan niet ons te con­tac­te­ren.

Start typing and press Enter to search

Shopping Cart
error: Content is protected !!